Sjoa

7 - 9 augustus 2026

De afgelopen jaren hebben we een aantal keren geraft. Heel leuk om te doen, vooral de tocht door de  Tara Canyon in het hart van de Balkan was prachtig (zie HIER). Maar echt wild waren de rivieren niet.

Dat is het probleem met raften in de zomer, dan staan de rivieren laag en is het spannendste eraf. Het beste kun je raften in het vroege voorjaar, als alle smeltwater de bergen afkomt. Maar: er bestaat een land in Europa waar de natuur eigenlijk altijd wild is en water nooit ophoudt met stromen – Noorwegen. Hoopten we tenminste. En dus waagden we ons nog één keer aan een raftingavontuur.


Dé plek daarvoor, nou ja, een van dé plekken in dit door God gemaakte outdoorland, is de Sjoa-rivier. Van Oslo richting Lillehammer, bij de Olympische skischans linksaf en dan nog een stukje verder. Hier rijgen de raftingbedrijven zich aaneen en zijn wij uitgekomen bij Mad Goats, de nieuwste en kleinste zo te zien, in ieder geval de enige die tochten van 13+ aanbiedt (in plaats van 15+). 


Ze hebben een klein kampeerterrein en daar staan we twee nachtjes, naast de rivier waar we alvast een blik op kunnen werpen. Ziet er niet slecht uit. Van rechts komt het water witschuimend een kloof uit, onder een hoge brug door. Onthoud die brug.


Stuurman is Filip, een jonge man met een rossige Viking-baard. Verder doen er drie Noren mee: vader, zoon en een schoondochter die vlak voor vertrek haar baby van drie maanden doodleuk nog even de borst geeft. Stoer volkje. Nog een andere begeleider, Seth,  zal ons in een kayak volgen. In de schuur trekken we wetsuit en reddingsvest aan en zetten een helm op en daarna worden we naar de startplaats gereden, tien minuten verderop. (Fijn! Andere keren moesten we wel anderhalf uur rijden.) Laatste instructies en dan hup, te water met die boot.

Nou blijken ook in Noorwegen, in de korte zomer die er is, rivieren op hun laagste punt te staan – maar het heeft enorm veel geregend de laatste weken en de Sjoa is niet mals. We worden van links naar rechts geslingerd, door grote golven en gaten in het water die ineens recht voor je opdoemen, en het is zonder meer de ruigste rafttrip die we hebben gemaakt. De route is prachtig, door kloven van uitgesleten rotsen waar op wonderbaarlijke wijze nog sparren op weten te groeien. En ondertussen gaat de zon ook nog schijnen.  Na anderhalf uur staan we weer aan wal en wandelen langs de rivier tevreden terug naar het kampeerterrein.

Adrenaline? Zeker. Genoeg? Hmm, emoticon twijfel, als je het aan onze tiener vraagt. Gelukkig hebben we nog een aas achter de hand. Naast het terrein van Mad Goats, waar de kloof op z’n smalst en hoogst is, overspant een kleine ijzeren brug het kolkende water. Zeventien meter hoog is-ie, en je kunt er vanaf springen. 


Zondagochtend om elf uur, wanneer normale mensen overal in de wereld naar de kerk gaan, aan het ontbijt zitten of zich nog eens omdraaien, stapt de familie Cools om de beurt over de reling, doet een schietgebed (wij) of lacht een beetje (Wende) en springen dan achterwaarts de diepte in. Woooooaaaaah, echoot het tussen de rotswanden die miljoenen jaren geen mens gezien hebben, en nu dit… En dan zwaaien we over het water, van links naar rechts, aan een dubbele zekering die 140 ton kan houden, aldus Robin, de medewerker van Sjoa Rafting die de boel heeft opgetuigd. Wat een ervaring! Die paar seconden vrije val is genoeg om jezelf tot in de puntjes van je tenen te voelen leven.

          

                  

Was dát dan spannend, Wende? Ja, dat was best leuk. Wat haar betreft een opstapje naar bungeejumping, dat is haar volgende doel. Maar niet het onze – dat mag ze later zelf gaan doen. Tijd voor iets anders, iets…rustigers. Wat dacht je van een museum over trollen?

Geen opmerkingen:

Een reactie posten