Kronenburg – Ouren, 71km
Kronenburg - Ouren
Kronenburg – Ouren, 71km
Ouren - Vianden
Ouren – Vianden, 45km
Vianden - Trier
Vianden – Trier, 79km
Trier
Vanmiddag komt Christel met de auto naar Trier. Ik heb dus nog een half dagje voor mezelf. In ieder geval heb ik besloten niet op deze rommelige stadscamping te blijven, dus ik pak m’n boeltje weer bij elkaar en vertrek.
Aesculus Hippocastanum
Waarschuwing vooraf: telt 6750 woorden, dat is zeker een half uur lezen.
AESCULUS HIPPOCASTANUM
Île-d'Arz
1 - 5 mei 2008
In 2008 gingen we op bezoek bij Krista, een oude schoolvriendin van Christel. Ze had jaren in Parijs gewoond, waar wij haar ook wel eens hadden opgezocht, maar recent was ze verhuisd naar een klein eilandje voor de kust van Bretagne, Ile-d’Arz genaamd.
Nendaz
15 - 22 maart 2008
Ik ben niet opgevoed met skiën. Mijn ouders deden niet aan wintersport, niemand in onze omgeving trouwens. Ik geloof dat het decadent werd gevonden, al werd dat niet met zoveel woorden gezegd. Zeker is dat er geen geld en geen interesse voor was bij ons thuis. En toen ik het huis uit ging en zelf mijn vakanties kom bepalen was wintersport wel het laatste waar ik aan dacht. Nog los van het geld kon ik me er niets bij voorstellen dat zoiets nou leuk zou zijn. Koud, met een groep, op één plek, bespottelijk dure merkkleding... Ik kon een hoop redenen verzinnen waarom het niets voor mij was. Daarom liet ik de beker lekker aan mij voorbijgaan die paar keer dat ik in de bergen was ’s winters.
Peru 2007
Peru
Lima
Aparte sensatie dat er op het vliegveld in Lima een wildvreemd mannetje staat met jouw naam op een bordje. Grote grijns als we aan komen lopen. Hij lijkt echt blij ons te zien. Kan ie ook naar huis.
Vandaag de stad in geweest. Het is grijs weer hier, beetje koud ook. En we zijn moe. Het is pas etenstijd nu, maar volgens onze lichaamsklok al tijd om te gaan slapen.
Maar verder gaat alles goeoeoeoeoeoeaaaaaaaaahhhhhhzzzzzzz....
Arequipa
Arequipa is de tweede stad van Peru, maar met haar 750.000 inwoners slechts een bescheiden provinciestadje vergeleken met metropool Lima (8 miljoen inwoners). Het is er klein en overzichtelijk en er hangt een prettige, gemoedelijke sfeer. Het plaatsje ligt op 2300 meter hoogte, aan de voet van El Misti, een vulkaan van bijna 6 kilometer hoog. Hij leeft, deze vulkaan, maar daar schijnt niemand zich druk over te maken - dreigender hier zijn de aardbevingen die het stadje regelmatig vers opschudden, voor het laatst nog in 2001.
![]() |
| Plaza de Armas, met daarachter El Misti |
Chivay
Wel eens gehoord van de Colca Canyon? Nee? Echt niet? Hmm... Wij ook niet...tot een paar maanden geleden.
De Colca Canyon is de grootste canyon ter wereld, groter nog dan de Grand Canyon. Hij is meer dan een kilometer diep en ligt tussen bergen van meer dan zes kilometer hoog. In deze bergen ontspringt ergens de Amazonerivier. Aan het begin van de canyon ligt het plaatsje Chivay en daar zijn wij momenteel. Drie uur met de bus vanuit Arequipa, over bergpassen en een hoovlakte waar wilde lama's (vicunas) grazen. Werden bij het busstation door een mevrouwte opgewacht en in de tuctuc van haar zoon meegrtoond naar hun familiepension, de Rumi Wasi Inn. Prachtig plekje waar we de enige gasten zijn.
Intermezzo: een dagje bussen in Peru
Keurig op tijd komt de bus aanrijden in Chivay. Een kluwen Peruaanse vrouwen in kleurige traditionele kledij verdringt zich bij de deur. Het zijn verkoopsters, ze hebben allen dezelfde grote boodschappentas met handelswaar bij zich, gebreide truien, sjaals, mutsen, wanten, sokken, enzovoorts - overal zie je hier vrouwen breien. De tassen gaan het bagageruim onderin de bus in. Eén vrouw heeft een kleine alpaca bij zich (een soort schaap met een lange nek), hup, die gaat ook het bagageruim in. Het dier geeft geen kik. Onderhaar arm draagt ze een baby-alpaca, die gaat als handbagage mee de bus in. Waarschijnlijk willen ze toeristen lokken om op de foto te gaan met deze typische Peruaanse fauna, dat zie je veel hier.
Puno
Overdag levert dit een ietwat chaotische sfeer op, want overal lopen groepjes demonstranten, nauwlettend gadegeslagen door flink bewapende politie en het leger. Maar aan het eind van de middag wordt het ludieker. Omdat er totaal geen verkeer meer is (met glas en stenen zijn blokkades rond de stad opgericht) spelen de kinderen op straat, er wordt gevolleybald en gevoetbald, men flaneert wat door de stad. Af en toe slalomt er nog een fietstaxi door de rommel heen. Natuurlijk, als kersverse vakbondsman ben ik principieel voor stakingen, maar het heeft nu lang genoeg geduurd. Kappen nah! Morgen moeten de bussen gewoon gaan rijden, want wij willen dan naar Cusco.

Het bos in
Vanaf nu kunnen we weer gewoon met de camper naar Frankrijk. Eindelijk!
Het begint zondagochtend, ijselijk vroeg, om kwart over vijf verzamelen bij het reisbureautje, Manu Ecological Adventures. Op de stoep een kluwen van schimmen, slaperige gezichten, rugzakken. Om ons heen loopt het uitgaansleven van Cusco op z’n laatste, zwalkende benen; er slingeren dronkemannen voorbij en bij de kleine hamburgertentjes verdringt men zich voor de bekende vette bek na het stappen. Deze ‘civilisatie’ gaan wij ver achter ons laten. Tegen zessen vertrekt ons bus en zijn we onderweg naar een klein stukje aarde dat nog vrijwel ongerept is.
Cusco
Morgenochtend vertrekken we alweer, voor een vijfdaagse wandeltocht naar Machu Picchu, de beroemde Incaruïne hoog in de bergen, onlangs verkozen tot een van de nieuwe zeven wereldwonderen. Hier in Peru was dat aanleiding tot veel feest, slingers en champagne. We zullen zien of het echt zo bijzonder is. Amigos, hasta luego.
![]() |
| Plaza de Armas in Cusco |
![]() |
| Inca-stad Sacsayhuaman |
Machu Picchu
Hier in Peru leiden alle wegen naar Machu Picchu, figuurlijk gesproken. Machu Picchu is overal. In winkels, hotels, restaurants, op straat, op bussen, overal zie je foto's van de mysterieuze Inca-ruïne, het 'nieuwe' wereldwonder waar de Peruanen apetrots op zijn.
Wat?! Het zegt je niets? Jawel jawel, je kent het wel, kijk, zó ziet het eruit:
Ironisch genoeg leidt er letterlijk gesproken juist géén weg naar Machu Picchu. Het ligt in de zogeheten 'heilige vallei', op een bergtop boven het plaatsje Aquas Calientes, een kilometer of honderd van Cusco vandaan. Dit Aquas Calientes, een toeristenfuik eerste klas, is alleen bereikbaar per trein of per voet. Wij zijn gaan lopen. Je kunt kiezen uit verschillende meerdaagse wandeltochten en de broemdste is de Incatrail, die de oude 'snelweg' volgt die de Inca's destijds aanlegden om zich snel te kunnen verplaatsen binnen hun enorme rijk. Echter, deze toch is zo populair dat de regering quota heeft moeten instellen en er per dag maximaal 500 mensen mogen vertrekken (200 toeristen en 300 gidsen en ander personeel). Als gevolg daarvan is er een wachtlijst van zeven tot negen maanden. Het is echt filelopen, zo hebben wij gehoord, en daarom hebben wij gekozen voor een andere wandeling, de Salkantay-trail, waarvan onze reisgids zegt dat hij mooier en hoger is en slechts aanbevolen wordt voor "more adventurous trekkers who have already acclimatized". Wow! We hebben er zin in.
El Chaco
Ook weer zoiets bijzonders: de Nazca-lijnen. Mysterieuze lijnen in de woestijn, honderden meters lang, vlakbij het plaatsje Nazca. Ze werden ontdekt in de jaren dertig van de vorige eeuw, toen men commerciële vluchten over dit gebied ging uitvoeren.
Want alleen vanuit het vliegtuig is te zien dat de Nazca-lijnen niet zomaar willekeurige lijnen zijn: het zijn figuren, tekeningen als het ware, gemaakt op het natuurlijke schoolbord van de woestijn door de bovenste gravellaag te verwijderen. Honderden figuren zijn er te zien. Veelal geometrische figuren, maar ook de nodige dieren, zoals een aap, een walvis, een condor, een kolibrie, een spin, noem maar op. Ze zijn gemaakt door de Nazca-indianen, in de periode van 200 voor Christus tot 700 na Christus - een periode waarin beslist nog geen vliegtuigen bestonden. Dus hoe hebben ze het gedaan? En waarom? Daar bestaan heel wat theorieën over. Sommigen betwijfelen zelfs of het wel mensenwerk is. De schrijver Erich von Däniken werd eind jaren zestig wereldberoemd met zijn theorie dat de Nazca-linen de remsporen waren van buitenaardse ruimteschepen. Onze bescheiden conclusie na een vliegtochtje over de lijnen: raar maar waar.
Huaraz
Weer in de bergen. Huaraz ligt zo'n beetje aan de voet van de hoogste berg van Peru, de Huascaran (6800 meter). Het is een klein levendig bergdorpje waar eigenlijk niets te zien is, maar het is een populair startpunt voor trekkers en bergbeklimmers.
Voor ons echter geen trekkings meer. De tijd raakt op, en we zijn nog herstellende van een voedselvergiftiging. De eerste in al die jaren. En het was geen borrelend bergprutje met geiteballen en lama-oren, nee, we zijn gevloerd door een doodgewone pizza en spaghetti carbonara in een Italiaans restaurantje in Lima. 's Nachts in de bus begonnen de krampen. Daar na de hele dag op bed gelegen, gloeiend van de koorts. De dag daarop op slappe benen wat rondgelopen in Huaraz. Pas vandaag, dag drie, voelen we ons weer redelijk fit en hebben we -na een middagje wandelen- weer prima gegeten. Morgen maken we een bustourtje naar wat bezienswaardigheden hier, de dag daarna misschien nog raften (als de rivier genoeg water heeft) en dan is het woensdag en begint de terugtocht naar Nederland.
![]() |
| Huaraz, met Huascaran op de achtergrond |
Huaraz 2
Zoals gezegd eergisteren een wandeling gemaakt, naar een tempelruïne in de bergen. De ruïne bleek niet bijster interessant, maar de wandeling was prachtig. Fascinerend hoe je terug in de tijd lijkt te stappen zodra je de stad achter je laat.
Een paar kilometer na het laatste internetcafé staan vrouwen in traditionele kledij (kousen, rokje, gekleurd jasje en een hoedje op) met z'n allen de was te doen in een beekje. Twee mannen ploegen een veldje met een houten ploeg getrokken door een koe. Een echtpaar op leeftijd is letterlijk bezig kaf van koren te scheiden: de man laat de halmen vanuit de hoogte op een kleed vallen en de vrouw schraapt de boel bijelkaar. Alles gebeurt met de hand, alles is kleinschalig. Er wordt verbouwd op kleine terrassen, een beetje graan hier, een handvol mais daar. Rondom de huizen, gemaakt van leem en golfplaat, scharrelen een paar kippen, biggen, schapen, soms een ezel of een koe. Het is landbouw op de vierkante meter allemaal.
Naar huis
We gaan weer naar huis. Woensdag bus naar Lima, donderdag vliegen, vrijdag thuis. We hebben weer met veel plezier verslag gedaan van onze avonturen, waarbij ik zorgde voor de tekst en zij voor de foto's.
Je ziet het er niet van af, maar het uitzoeken en plaatsen van foto's is een zeer bewerkelijk klusje dat -afhankelijk van de internettraagheid- veel frustratietolerantie vraagt. Bij deze dus alle hulde voor Christel.
Voor de rest is het maar een gek mens. Zie onder.
Dahab 2007
Dahab 2007 (2)
Vrijdag gaan we de Sinaï-woestijn in. We hebben een 4-wheel-drive met chauffeur tot onze beschikking en Marion gaat mee als onze gids. Ze zorgt ook voor het eten en drinken, maar blijkt de kaas/vleeswaren te zijn vergeten, zodat we in de stuiterende wagen zitten te klooien met brood en jam. Die kan haar fooi vergeten… Het is twee uur rijden naar de Coloured Canyon, waarvan het laatste stuk over een zandvlakte. Ooit was dit een moerasgebied, maar nu is het er onvoorstelbaar droog en verlaten, een desolaat landschap dat me doet denken aan de film Jesus Christ Superstar: precies dezelfde dorre rotsformaties, alleen de zingende hippies ontbreken. You started to believe/the things they said of you/you really do believe/this talk of God is true-ue… Jeeeesssus!!!
Dahab 2007 (3)
"De Mozesberg. Je moet er maar opkomen."
C.C. Cools
We zijn weer thuis. Dinsdagmiddag een afscheidslunch bij Hamada en Marion thuis, vis met rijst, salade en pitabrood, heerlijk. Fantastische mensen, ze hebben de hele week voor ons gezorgd en waren ongelooflijk gastvrij. Het bleek ook wel een feestweek, want zowel Tamim was jarig (hij werd negen) als Marion ( ze werd... een jaartje ouder).
Daarna de taxi naar Sharm-el-Sheik en 's avonds laat het vliegtuig naar Nederland. Op het vliegveld was het druk en rumoerig, allemaal proletariërs uit Nederland en Engeland, roodverbrand en lelijk, 'red fish' zou Hamada hebben gezegd. Als voormalig duikschoolhouder heeft hij de gewoonte mensen als vissen te zien. Christel was een 'sweet fish', en toen ze een keer lang uitsliep 'sleep fish'. Ik werd octopus gedoopt omdat ik 'many arms' had. Enzovoorts. Om half vijf 's ochtends lagen we eindelijk in onze eigen Hollandse vissekom.
India 2006
India is een overweldigend land. Er leven een miljard mensen en dat zul je merken ook. Van de knotsgekke kamelenmarkt in Pushkar tot de hindoemassa's in Varanasi, van de blowende saddhu's in Rishikesh tot de straathandelaren in Delhi: overal is het even druk en chaotisch, en word je overlopen door koeien. Met z'n geuren, geluiden en gebeurtenissen doet het land een aanslag op al je zintuigen, inclusief het zesde. Want ondanks alle straatrumoer is in India ook een sterke spirituele onderstroom voelbaar. Dat maakt het land zo bijzonder en veelzijdig. Je moet ervan houden, India. Ik hou ervan.
Ik ben er twee keer geweest.
In 2008 heb ik met Christel een weekje doorgebracht rondom Darjeeling en daar een prachtige trekking gemaakt (HIER).
En in 2006 heb ik zes weken rondgereisd met mijn vriend Wim en met hem een lange reeks krappe bedden, chai's en thali's gedeeld. Lees hieronder verder.
Wat doe je dan?
Je ruimt je spullen op. Je wast die ene spijkerbroek. Je kijkt een dvd-tje. Je werkt je weblog bij. Je laat je foto's afdrukken. Je loopt weer een keertje hard. Je logt eens in bij Postbank.nl om naar je banksaldo te kijken. En je denkt:
WAT?!
Zoveel nog?!
Hmmmm... Wat doe je dan? Ga je dan tóch maar met een grote pot koffie achter de computer te zitten om grrrrumblerdnde vacaturesites te bekijken? Of bel je die ene vriend die vier maanden naar India gaat om te vragen of je een maandje mee kan? Wat zou jíj doen?
Aanstaande donderdag (5 okt) vliegen we naar Delhi.
Heilige koe!
De laatste uurtjes
-Wacht, hoor ik daar de bel? ... Nee, toch niet, geloof ik.
Ze zeggen dat ambassades horen tot het land zelf, dus dat de Indiase ambassade niet op Nederlands grondgebied staat, maar op Indiaas grondgebied. Dat zou veel verklaren. Ik wil het zeker geen zootje noemen daar aan de Buitenrustweg 2 in Den Haag, maar de gang van zaken bezit een zekere ongeordendheid en laconiekheid die on-Nederlands aandoet en die je weinig vertrouwen geeft in een goede afloop, als je 's ochtends de deur uitgaat na achterlating van je o zo belangrijke paspoort - ten onrechte, blijkt, want 's middags wordt datzelfde paspoort feilloos opgevist uit de grote berg, nu mét visumstempel. Welkom in India!
Delhi
Hier even een kort berichtje. Delhi is...tja...in één woord...nou, als het ècht moet...overwèldig. Overweldigend èn geweldig.
Drukdrukdruk, heetheetheet. We zijn hier gisterochtend aankomen, na een vlucht van zo'n negen uur die -Iraanse prijsvechter of niet- probleemloos is verlopen. Een taxi bracht ons naar het centrum. Uiteraard werd er op z'n Aziatisch gereden, vergelijkbaar met hoe wij in Nederland op de kartbaan rijden - alleen hoeven wij niet allerlei koeien te ontwijken... Voor Wim -die nooit verder is geweest dan de Canarische Eilanden- was het even schrikken. Uberhaupt keek hij z'n ogen uit.
Delhi 2
Nog steeds in Delhi, weer in een zweterig internethok. Morgenavond vertrekken we naar het noorden, met de nachttrein naar Pathankot (10 uur) en vandaar met de bus naar Dharamsala. De treinkaartjes hebben we gisteren gekocht, na de standaard Indiase toestanden.
Vóór het stationsgebouw werden we door behulpzame Indiërs naar het reserveringsbureau verwezen; het was alleen wel vreemd dat dit in een ander gebouw zat, in een andere straat, een kwartier lopen, tussen allemaal minuscule reisbureautjes... Daar zijn we dus niet binnengestapt, maar voor we weer terug bij het station waren en het èchte reserveringsbureau hadden gevonden waren we een uur verder. Na drie dagen beginnen we te vermoeden wat het antwoord is op de klassieke vraag: Maar wat doèt een backpacker eigenlijk de hele dag? Wij denken: teruglopen...
| ...eh... |
McLeod Ganj (Dharamsala)
McLeod Ganj: het lijkt het paradijs wel. Schone lucht, stil, lekker fris, prachtig uitzicht over groene heuvels en valleien, en een ge-wel-dig hotel, Pema Thang Guest House, gerund door Tibetanen. We weten niet wat ons overkomt.
Een ruime kamer, een schone badkamer, zelfs een douche en warm water. Alleen geen huisdier meer. Het voelt weldadig aan na vier nachten in hotel Chanakya, dat wel heel erg, eh, Indiaas was. Wij waren dan ook de enige niet-Indiërs daar. In dit guest house, daarentegen, zitten alleen maar buitenlanders.
Little Lhasa
Dag van de hond
Hieronder een foto-impressie.
McLeod Ganj (Dharamsala) 2
Dat je een beetje als een domme hork deegballen staat te kneden voor de traditional momo soup terwijl een of andere gevluchte Tibetaan die dan Sangye moet heten je staat uit te lachen! Tjongejonge. Hoe oppervlakkig kun je zijn?
Dharamkot
Op naar Dharamkot! Het plaatsje ligt ongeveer drie kilometer verderop en het is een heftige klim. We rechten onze rug, spugen in onze handen en...bestellen een taxi bij de receptie. Ongelooflijk dat een auto zo'n steile helling aankan!
Dharamkot 2
Voorzichtig naar het dorpje schuivelen, zaklamp in de hand...dat gaat nog net. Er zijn twee eettentjes hier: het hippe Trek & Dine met psychedelische wandkleden en spreuken aan de muur, en het wat sjofeler Milky Way waar het wereldkampioenschap criquet te volgen is, tussen onvoorstelbaar slechte Indiaase soaps door. We kiezen meestal voor de betere keuken van de Trek & Dine, en nemen de luide trancemuziek maar op de koop toe. Verder zijn er in Dharamkot nog een paar guest houses, twee groenteboeren en een eenvoudig internetzaaltje. En o ja, er zit hier nog een Ayurvedisch genezer die -onder het motto no pain, no cure- de rug van Wim eens flink onder handen heeft genomen.
Rishikesh
Mooie ouderwetse wagen, van het soort dat vroeger in duizendvoud door London als taxi reed. Om zes uur 's ochtends zijn we er. Er... 'Er' wil zeggen een rommelig pleintje, pikdonker, bevolkt door schimmige figuren die meteen naar je beginnen te roepen. Zijn we in Rishikesh? Zijn we in...waar zijn we in godsnaam?! Gelukkig weten we snel de brug over de Ganges te vinden en de wijk aan de overkant (Laxman Jhula) die ons aangeraden was. Rolluiken links, rolluiken rechts, alles is nog gesloten; alleen een chai-shop is open, zo'n simpel cafeetje met een gasstel als keuken en een paar planken om te zitten. Een kopje thee dan maar. Voor een hotel is het toch nog veel te vroeg.
Maar...





















