Posts tonen met het label Want nu kan het nog. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Want nu kan het nog. Alle posts tonen

Want nu kan het nog

September - december 2016
 
109 dagen, 7 landen, ontelbare zwembaden. Wat een reis! 
Van prachtige strandjes in Thailand tot een vleermuisgrot in Borneo, van knekelvelden in Cambodja tot een rivier vol dansende vuurvliegjes op Maleisië – we hebben zo verschrikkelijk veel gezien. 
Helaas meestal wat korter dan gewild, vanwege de ongeduldige kleuter in het gezelschap die het liefst niets anders deed dan zwemmen. Er is dus ook eindeloos gepoedeld en geplonsd, in oceanen, watervallen, zwembaden, waterparken, pierebadjes. 
Leuk was het bezoek aan familie en vrienden in Australië, indrukwekkend de oorlogsverhalen in Vietnam en…eh…kort vooral het uitstapje naar Brunei. 
Of Wende het zich later zal herinneren? Hmmm. Wij zullen deze reis in ieder geval niet meer vergeten.
 

 
 

Grote trek

We hebben nog steeds honger. Honger naar…meer. Meer zien, meer beleven, meer landen bezoeken. 

Vandaar dat wij dit jaar, na al het gereis van de laatste jaren, nog eens een extra grote reis gaan maken. Zo'n vier maanden gaan we weg. We vertrekken na Wende’s verjaardag, 1 september, en willen voor Kerst weer terug zijn. Het is het laatste jaar voor Wende leerplichtig wordt, dus zoals we vaak te horen krijgen: ‘nu kan het nog’.



Nog twee weken

Het is bijna zover: nog twee weken en dan gaan we langer op reis dan ooit tevoren, bijna vier maanden liefst. Mooi vooruitzicht, zeker op een Hollandse pleuriszondag tijdens welke de regen met bakken uit de hemel komt. Het weer houdt ons vandaag aan huis gekluisterd. 

Kloten

4 - 5 september 2016

De luchthaven van Zürich heet Kloten. Wij weten waarom. Toen we aankwamen vanuit Schiphol bleek vlucht LX 7178 van Swiss Air naar Singapore gecanceld. Zomaar! Stonden we daar om elf uur ’s avonds ineens met een hyperend kleutertje. Tja, dan denk je wel even aan de woorden van Herman Finkers toen die door het centrum van Kloten wandelde: Dit is dus mooi Kloten!

Singapore

6 - 9 september 2016

Sinha Pura, de leeuwenstad, is een eiland voor de zuidpunt van Maleisië ter grootte van 716 km2, de helft van provincie Utrecht. Van dat oppervlak is een kwart later ingepolderd, onder andere door Nederlandse baggerboeren als mijn vader ‘moddergeuzen’ zoals de schrijver Norel ze noemt. Maar daarover later. 

Op die paar vierkante kilometer verdringen zich 8 miljoen mensen, dus Singapore is vooral een enorme stad, met flats zover het oog reikt. Imposant is de skyline van het Financial district met tientallen wolkenkrabbers. Vanuit het reuzenrad dat hier is neergezet, de Singapore Flyer, kijk je er recht tegenaan. Kijk je de andere kant op, dan zie je de zee en de lange sliert schepen die in file naar de haven vaart. Want daar staat Singapore ook bekend om: het is de grootste haven ter wereld. Samen met Rotterdam, zeggen wij in Nederland dan altijd. Maar hier halen ze hun schouders op. Rotterdam? De taxichauffeur had er nog nooit van gehoord. 





Tioman 1

Tioman

9 - 11 september 2016

Vanuit Singapore rij je in een half uurtje via een dam naar Maleisië. Je komt dan in Johor Bahru. Hier moesten we een paar uurtjes wachten op het busstation omdat de eerste bus naar Mersing pas ’s kwart voor zeven avonds vertrok.


Tioman 2

 11 - 16 september

Luieren op een tropisch eiland. Zwemmen, duiken, rijst eten in vele varianten en Pluk van de Petteflet lezen. Zie hier het leven op Tioman.

Salang is een klein stukje op de jungle veroverde beschaving. Een paar restaurantjes, een paar duikshops, een supermarktje, plus hutjes voor toeristen. Na een dag weet je waar alles is en na nog een dag heb je het gevoel dat je iedereen kent. Van de rastafari die Bob Marley draait in z’n duikshop tot de verveelde serveersters van restaurant Salang Beach Resort. Het is klein en geïsoleerd. 




Malaysia Day (niet onze dag)

16 september (Malaysia Day) 2016

Sommige reisdagen verlopen beter dan andere. Zei de man die de Titanic miste.

Neem bijvoorbeeld een dag waarop je veel te vroeg opstaat en ontzettend moet haasten om klokslag zeven uur op de pier te staan voor de enige ferry van die dag, en dan te horen krijgt dat de boot vertraging heeft, zodat je uiteindelijk meer dan twee uur staat te wachten op die pier, grotendeels in een tropische stortbui die aan alle kanten het afdakje binnenspettert – zo’n reisdag begint niet echt lekker. Door die vertraging mis je de bus die je had gereserveerd, en moet je opnieuw tickets kopen en wachten. Als je dan aankomt bij je budgethotel, waar je wordt ingecheckt door een naar mannetje dat zuchtend YouTube even op pauze zet, blijkt je kamer  –o gruwel!– een hok zonder ramen te zijn, en ruilen heeft geen zin want in dit ingebouwde pijpenlaatje van een hotel heeft geen enkele kamer een raam. Laten we het dan maar gezellig maken, met een vrolijk kindermuziekje, maar als je het paarse kinderkoffertje opentrekt ontdek je dat deze kletsnat is van binnen, wat raar, ding is toch soort van waterdicht? En als  je de natte items een voor een oppakt en te drogen legt, van de zeiknatte handdoek tot de soppige cadeautjes voor onderweg, dan ontdek je… De iPhone. Weg. Weg? Weg! Fiefafoetsie. Nou, zó’n reisdag kan dus echt beter.

Wachten...



Telefoon

Voor iedereen die Christel wel eens appt: Christel is haar telefoon kwijt. Verloren of gestolen, dat is niet helemaal duidelijk, maar verdwenen is hij beslist. Appen kan dus niet meer, mailen wel.

Cherating

17 – 20 september 2016

Een paar dagen doorgebracht in Cherating, een klein plaatsje aan zee. Volgens de reisgids een backpacker-oord wiens beste tijd voorbij is. Echt iets voor ons dus...

We hebben weer een klein chaletje in een tuin. Twee toekans scharrelen op het dak van de overburen. 


Tenggol

20 - 24 september 2016

Wie zich de moeite getroost helemaal naar Pulau Tenggol te komen doet dat om te duiken. Het eiland is een pluk regenwoud in de oceaan met één prachtige baai waar drie kleine resorts zitten. Voor de rest is er niks.




Kota Bharu


24 - 26 september 2016

Kota Bharu, hoofdstad van de staat Kelantan, ligt in het uiterste noordoosten van Maleisië, tegen de grens met Thailand aan. Het heeft bijna een eeuw geduurd voor de Britten, die Maleisië in 1824 overnamen van de Nederlanders, zover kwamen. Om die reden geldt Kelantan nog steeds als het meest ‘oosterse’ en ‘Maleisische’ deel van het land.

In  de praktijk betekent dat: meest islamitisch. Goudversierde moskeeën, zuilen met de geopende Koran op de top, veel Arabische teksten, halal eten en opnieuw –na Tenggol– geen bier. Al een week staan wij, dorstige reizigers, droog. Maar dat terzijde. Maleisië telt dertien staten en die zijn behoorlijk autonoom. Kelantan wordt geregeerd door een islamitische partij (PAS) en kent sharia-wetgeving; een paar jaar geleden wilde de PAS lijfstraffen invoeren, maar dat streven is geblokkeerd door de federale regering in Kuala Lumpur. Maar aan de alcohol zijn ze in Kuala Lumpur nog niet toegekomen, kennelijk.


Cameron Highlands

26 - 28 september 2016

Een bus is mooi, zeker een mooie bus, maar we huren toch voor een weekje een auto. Dat schiet wat meer op en de tijd dringt, we hebben nog maar drie maanden. Haha.

Met die auto, een Proton van Maleisische makelij, steken we het land dwars door, van Kota Bharu naar de Cameron Highlands. Zes uurtjes rijden over een tweebaansweg, door het binnenland dat gaandeweg steeds meer verlaten en bergachtig wordt. Een heel verschil met de oostkust waar het plat en dichtbevolkt is.
 

Georgetown

28 - 30 september 2016

Penang is een eiland voor de westkust, met het vasteland verbonden via twee bruggen, de een nog langer dan de andere: 14 kilometer en 24 kilometer. Omdat Malakka al in handen was van eerst de Portugezen en later de Hollanders besloten de Engelsen in 1786 hier maar een handelspost te vestigen. Ze noemden de plek naar hun koning, Georgetown.

Weer speelt onze verbeelding ons parten. Georgetown is geen authentiek klein plaatsje, maar een grote stad met 400.000 inwoners, een hoop lelijke flats waar Maleisië patent op lijkt te hebben en drukke straten die allemaal Jalan sehala heten, eenrichtingsweg, zodat we onbedoeld eerst nog wat aan sightseeing doen voordat we er in slagen de auto te parkeren voor hotel 1926 Heritage Inn aan de Jalan Burma. Vanaf hier is het een kwartiertje met de bus naar het centrum. De oude kern is werelderfgoed en bestaat uit een vierkant patroon van bedrijvige straatjes waar toeristen doorheen drommen. Net als in Singapore is er weer een ‘little India’, maar 0pvallender is het Chinese karakter van de stad: veel Chinese mensen, winkels, tempels, restaurants. Waar de Chinezen in heel Maleisië ongeveer een kwart van de bevolking uitmaken zijn ze in Georgetown in de meerderheid. Verder zie je veel Anglicaanse kerken, erfenis van de Engelsen.  



Kolere Lumpur

30 september 2016

Wat een dramatische stad is dat, zeg!

Vrijdagmiddag, uurtje of vijf. Onderweg van Georgetown naar Melaka, lekker cruisen op de E1, de uitstekende snelweg langs de westkust. Wende kijkt naar ‘Rapunzel’, papa doet een powernap en mama neemt een fatale afslag. Por in de zij.
-Wakker worden, hier begint het druk te worden.
-Huh? Wat? Waar zijn we?
-In de buurt van Kuala Lumpur. Net was de afslag naar Johor Bharu, maar die heb ik niet genomen natuurlijk.
-Niet?!? Die moesten we hebben!!!
-O… Nou ja, dan draaien we gewoon weer de andere kant op zodra we langs de tol zijn.

Zei Christel nog optimistisch terwijl ze afstuurde op het tolstation. Eenmaal gepasseerd keken we lichtelijk geschokt naar de kilometerslange file die zich ophield voor het tolstation de andere kant op. Gevoel van nattigheid. Helaas geen enkele mogelijkheid om te keren, dus noodgedwongen reden we steeds verder Kuala Lumpur in –gevoel werd natter en natter– tot we op een gegeven moment de weg helemaal kwijt waren; pas toen we de beroemde Petronas Towers in zicht kregen, zo’n beetje hartje centrum, wisten we precies waar we zaten, namelijk goed fout.


Enfin, om een kort verhaal lang te maken: pas na drie uur filerijden dwars door het spitsuur van Kuala Lumpur waren we de stad weer uit. Half negen ’s avonds bewoog het weer een beetje. Een beetje. Want ook de 100 kilometer van Kuala Lumpur naar Melaka was stervensdruk, zodat we uiteindelijk –na nog een stop om te eten– pas om kwart voor twaalf ’s avonds bij ons hotel arriveerden. Waar ze niets wisten van onze reservering, maar dat is weer een ander irritant verhaaltje voor het slapen gaan.

Melaka

30 september - 3 oktober 2016

Don’t mess with Melaka. Dat is de intrigerende slogan waarmee Melaka zich presenteert. Geen gerotzooi met ons! Misschien omdat er in het verleden al zoveel met deze stad is gerotzooid, door Portugezen, Nederlanders, Engelsen en –heel eventjes, een jaartje of vier– Japanners niet te vergeten.


Tegenwoordig wordt Melaka gekoloniseerd door Maleisiërs zelf. De stad is erg populair, vooral in het weekend zoals wij aan den lijve kunnen ervaren. Rond de historische kern van Nederlandse gebouwen is een voetgangerszone aangelegd vol vertier: parkje met speeltuintjes, zwembad, ronddraaiende uitkijktoren, musea en iets met een piratenschip. 




Kuala Gandah

3 oktober 2016

Kuala Gandah Elephant Conservation Centre is een, nou ja, de naam zegt het al, een opvangcentrum voor olifanten. Hier worden olifanten opgevangen die de weg in het oerwoud een beetje kwijt zijn, bijvoorbeeld omdat ze gewond zijn of gestresst en een heel dorp aan barrels stampen –‘amok’ maken zoals ze dat hier noemen.

Volwassen dieren kunnen een paar maanden op krachten komen en worden dan teruggezet in een van de nationale parken van Maleisië. Maar er komen ook kleintjes binnen en die blijven permanent in het centrum. De meeste olifanten komen uit Maleisië, maar soms komen ze ook uit andere Aziatische landen als India en Birma. Grappig idee om die buitenlanders, als ze hersteld zijn, dan los te laten in Maleisië. Namasté sahibs, zegt zo'n beest terwijl het zich bij een kudde aansluit. En als hij de glazige blikken van de Maleisiërs ziet: Wat?!?



Kuala Lumpur

4 - 7 oktober 2016

Kuala Lumpur, de hoofdstad van Maleisië, wordt hier door iedereen ‘KL’ genoemd. Zou ik ook doen als mijn stad ‘modderige samenkomst’ heette.

De stad is relatief jong, gesticht in 1857 op een plek waar twee rivieren samenkwamen die kennelijk modderig waren, maar waar ook tin in de bodem zat. Van een door Chinezen bevolkt mijnstadje is het sindsdien uitgegroeid tot een metropool met twee miljoen inwoners. Onvermijdelijke trekpleister en blikvanger zijn de Petronas Towers, de twin towers van Maleisië, bij elkaar opgeteld bijna een kilometer hoog. Een sierlijk gebouw met een mooie metalige glans, de achthoekige vorm ontleend aan islamitische kunst. Gebouwd in de jaren negentig voor pak 'm beet één miljard euro en destijds de hoogste torens van de wereld, tegenwoordig zijn ze, zonder een millimeter te hebben bewogen, gezakt naar plaats nummer negen.


Kuching

7 - 10 oktober 2016

Dankzij een kind ga je allemaal dingen doen die je daarvoor nooit deed. Speeltuinen, pretparken, hinkelen op straat, lullige treintjes en bootjes. Leuk hoor.

Maar andersom is ook waar: dankzij een kind doe je dingen nooit meer die je vroeger wel deed. Denk aan vulkanen beklimmen, jungletochten maken, duiken tot je een ons weegt. Valt op zich prima mee te leven, alleen op Borneo is het even een dingetje. Het land is namelijk wild, natuur is de attractie, en wil je daar iets van meekrijgen dan moet je…juist. Vulkanen beklimmen, jungletochten maken, duiken. Dus hoe gaan we dat aanpakken? Goeie vraag, waar we eigenlijk nog niet over nagedacht hadden, tot we in Kuching zaten, de grootste stad van (Maleisisch) Borneo, en er toch echt iets moest gebeuren.

 

Mulu

11 - 12 oktober  2016

Ooit zag ik een documentaire van natuurfilmer David Attenborough over de Mulu Caves en de miljoenen vleermuizen die elke avond uitvliegen. Zeer indrukwekkend. Nooit gedacht dat ik er ooit zelf zou komen.

En nu zijn we er, bij het observatiepunt. Een soort natuurlijk amfitheater voor de ingang van Deer Cave, de grootste rotsingang ter wereld. Het loopt tegen zessen ’s avonds. Twintig, dertig mensen hebben zich hier verzameld voor de ‘bat exodus’ zoals het wordt genoemd. Maar zoals vaak ziet het er op tv mooier uit dan in het echt. We zien een paar zwermen hoog in de lucht overvliegen, maar dat is het.